Wanneer je dementerende moeder niet meer thuis kan wonen

Wanneer je dementerende moeder niet meer thuis kan wonen

/Blogs

Wanneer je merkt dat je dementerende moeder niet meer veilig thuis kan wonen en je zelf het gevoel hebt steeds tekort te schieten, start de zoektocht naar een geschikte woonplek met zorg. Een gesprek met een dochter wiens moeder sinds kort op woonzorglocatie Hildebrand verblijft.

“Sinds drie maanden woont mijn moeder van 72 op een woonzorglocatie. Ze dementeert al een tijd. Ironisch genoeg heb ik dit traject al eens doorgemaakt met een goede vriendin van mijn moeder. Zij had geen familie en ging dementeren. Ik ben toen samen met mam gaan zoeken naar een passende woning. Je had op dat moment nog niet veel keuze. Uiteindelijk kwam die vriendin in een particuliere zorginstelling terecht, dat voelde goed.

Toen mijn moeders geheugen achteruit ging, herkende ik de symptomen al snel. Mijn vermoeden werd bevestigd door de huisarts en het ziekenhuis. Enerzijds vond ik het fijn dat ik wist wat ons te wachten stond. Maar alsnog hebben we, vind ik, mama nog te lang zelfstandig laten wonen. Je wilt het zó graag zelf doen. Maar al was ik er vaak, er bleven dingen mis gaan. Mama vergat bijvoorbeeld te eten. Dan vertelde ze aan de telefoon dat haar avondeten heerlijk had gesmaakt, maar de dag erna zag ik het bakje onaangetast in de koelkast staan.

Ik heb steeds elke stap met mijn moeder besproken; soms was zij daarbij realistisch en soms ook niet. Toen ze van de trap viel in haar oude huis was dat wel een moment waarop zij zich realiseerde dat het anders moest. Ze snapte het, maar blij was ze niet. Het is ook niet niks om je zelfstandigheid op te geven.”

Aandacht en tijd
“Samen met mijn zusje heb ik toen een rondje zorginstellingen in de omgeving gedaan. We hebben zowel reguliere als particuliere initiatieven bezocht, omdat die ruimte er is. Wat voor ons het allerbelangrijkst was? Dat je ergens binnen stapt en het voelt als thuis. Het feit dat er een bloemetje staat, dat het gezellig oogt. En persoonlijke aandacht. Er is op bij Hildebrand altijd tijd. Als je je het kan veroorloven, dan het liefst op deze manier, daar waren mijn zusje en ik het snel over eens.

Wat we onderschat hebben is de financiële papierstroom die erbij komt kijken. Dat gaf wel stress zo op het laatst; want als er een plek vrij komt, wil je eigenlijk alles geregeld hebben en de verhuizing in gang zetten. Ik vond het pijnlijk dat banken en notarissen voorwaarden gingen stellen. Het is ook ingewikkelde materie. Wij schakelden een onafhankelijk financieel adviseur in en kregen gelukkig ontzettend veel hulp vanuit de woonzorglocatie zelf.”

Net als thuis
“Mama woont hier nu drie maanden. Wat heel bijzonder is; we hebben haar woonkamer nagenoeg ingericht zoals de woonkamer in het vorige huis. Het is daardoor net alsof je haar oude woning binnenstapt. Dat heeft haar erg geholpen. Plus dat haar hondje Max mee mocht. Anders was ze absoluut niet gegaan! Hoewel ik zie en hoor dat ze hard achteruit gaat, is mam nog redelijk zelfstandig. Met haar scootmobiel gaat  ze er nog regelmatig op uit. Fijn dat dat hier kan en mag.

De eerste nacht bleef ik logeren en hebben we erg gelachen. Want het hondje schrok van de nachtzuster die binnen kwam. En daar schrokken wij weer van. Het was een hilarisch moment, maar mama was het de volgende dag alweer vergeten.”

Terugval
“Mam had na een maand een kleine terugval. Ze belde me op en zei; “Ik heb een besluit genomen; ik ga weer terug naar huis.” Dat vond ik heel emotioneel. Tot ik van de zorgmedewerkers begreep dat dit vaker voorkomt. Het hotelgevoel ebt weg, er komt een besef van nieuwe realiteit. Ik vond het een geruststelling dat dit blijkbaar bij het proces hoort.

Loslaten vond ik de eerste periode ook lastig. Die eerste maand moest ik mezelf af en toe knijpen. Nu pas besef ik; ik kan hier ook alleen voor een kopje thee komen. Ons hele gezin en dat van mijn zusje zat jarenlang in de zorgmodus. Voor het eerst sinds lange tijd ben ik ver weg op vakantie gegaan met mijn gezin. Dat deden we voorheen niet, want we konden mama niet alleen laten. Het zorgen heb ik altijd met heel veel liefde en plezier gedaan. Maar het afgelopen anderhalf jaar dacht ik ook steeds vaker; je doet zó ontzettend je best, maar het is eigenlijk nooit genoeg.”

Aansluiting
“We hebben inmiddels een eerste gesprek gehad met de GZ-psycholoog uit het behandelteam van Domus Magnus en met mama’s eerste begeleider vanuit het zorgteam. Mama zit er dan ook bij. De medewerkers proberen nu een goed beeld van mama te krijgen zodat ze haar op de juiste manier benaderen. Ze werken met Caren. Een prettig systeem waarin ze mij soms vragen stellen en waarin ik zie welke gesprekken er zijn gevoerd met mama en hoe haar dag is verlopen. Dat geeft rust en vertrouwen.

Ik merk dat mama zich gehoord en welkom voelt. Langzaamaan komt er aansluiting met de overige bewoners. Daar knapt ze van op. Ze was in haar oude huis best eenzaam, dat gaf ze ook wel eens aan. Dat hoeft hier niet meer. Maar toch is het wennen, al die nieuwe en soms ook nieuwsgierige mensen.

Al met al heeft het onze verwachtingen overtroffen, ik hoop alleen dat mam haar creativiteit weer terug krijgt. Ze is nu vooral aan het landen. Als ze eenmaal geland is, weet ze prima te vertellen wat ze wil. Voor mijn moeder is alles nieuw, maar ook voor ons. Dan voelt het warm als zo’n organisatie niet alleen de arm om mam slaat, maar ook om de hele familie en zegt; Wij helpen jullie hierbij. Dat is echt heel fijn.”

Ga terug naar het overzicht